Loondienst
Pensioengat berekenen in 5 stappen (met rekenvoorbeeld 2026)
Bereken je pensioengat in 5 stappen: behoefte, AOW, werknemerspensioen, inflatiecorrectie, pijler 3. Met case van Esther (47) en concrete bedragen.
Esther had het uitgerekend op een vrijdagmiddag
Esther, 47, marketing-coördinator in Tilburg. Op een vrijdagmiddag in januari 2026 ging ze achter haar laptop zitten met drie bankafschriften, een loonstrook en haar mijnpensioenoverzicht.nl-overzicht. Twee uur later kende ze haar pensioengat: € 850 bruto per maand.
Ze schoof de laptop dicht. Niet ontspannen, maar niet in paniek. Het was iets om aan te werken, geen catastrofe.
Het verschil tussen Esther en veel mensen in haar leeftijdsgroep: zij had het cijfer. De rest gokt.
Het pensioengat is meestal kleiner dan mensen denken. Niet omdat hun pensioen beter is, maar omdat hun behoefte lager is dan de 70%-regel suggereert. Wie alleen rekent met vuistregels schat zichzelf vaak een ton te kort.
Hoe Esther het berekende, in vijf stappen. Met de cijfers die voor 2026 kloppen. (pseudoniem, samengesteld uit klantgesprekken)
Stap 1: bereken je echte behoefte
De meeste pensioenadviseurs beginnen met "70% van je laatste salaris". Doe dat niet. Begin met je werkelijke uitgaven.
Drie maanden bonnetjes en bankafschriften verzamelen. Optellen. Daar de uitgaven van aftrekken die op pensioendatum wegvallen: pensioenpremie, woon-werkverkeer, eventueel hypotheekaflossing. Daarbij optellen wat erbij komt: zorgkosten (€ 50-150 per maand vanaf 70+), vrije tijd (€ 200-500 per maand eerste 15 jaar pensioen), eventueel schenkingen aan kinderen.
Voor Esther: huidige uitgaven € 4.200 per maand netto. Wegvallend op pensioendatum: € 700. Erbij komend: € 300. Werkelijke behoefte op 67: € 3.800 netto per maand. Bruto-equivalent: ongeveer € 4.500 per maand.
Voor hoeveel pensioen je echt nodig hebt op 67 is een aparte gids beschikbaar. Daarin staat de volledige uitgavenanalyse uitgewerkt.
Stap 2: tel je AOW op
AOW is de eerste pijler. Voor Esther in 2026 (gehuwd, beide partners hebben volledig opgebouwd):
- AOW gehuwd per persoon: € 1.122,12 bruto per maand
- Voor het gezin samen: € 2.244,24 bruto per maand
Esther rekent voor zichzelf ook door wat het gezin ontvangt, omdat ze samen leven en samen het gat dichten. Voor hoe je AOW-korting berekent als je niet alle 50 jaar in Nederland was is een aparte gids beschikbaar.
Tussenstand: behoefte gezin € 4.500 bruto, AOW € 2.244, gat na pijler 1 = € 2.256 bruto per maand.
Stap 3: tel je werknemerspensioen op
Tweede pijler. Mijnpensioenoverzicht.nl toont voor Esther € 1.850 bruto per maand op 67. Haar partner: € 1.250 bruto per maand. Samen € 3.100 bruto per maand.
Wat opvalt: opgeteld bij AOW komen ze op € 5.344 bruto per maand. Dat is meer dan hun behoefte van € 4.500.
Dat lijkt geen gat. Maar dat is voor inflatiecorrectie en bruto-netto-correctie.
(Trouwens, mijnpensioenoverzicht.nl toont het verwachte pensioen op pensioenleeftijd. Niet wat je nu zou krijgen als je nu zou stoppen. De website extrapoleert je huidige opbouwsnelheid tot je pensioendatum, met aanname dat je tot dan blijft werken bij hetzelfde fonds en op hetzelfde salaris.)
Stap 4: corrigeer voor inflatie en belasting
Hier wordt het pensioengat zichtbaar.
Inflatiecorrectie. Esther is 47, pensioen begint over 20 jaar. Bij 2,5% inflatie en 1,5% indexering: koopkrachtverlies van 1% per jaar = -18% over 20 jaar.
Bruto pensioen na correctie: € 5.344 × 0,82 = € 4.382 bruto per maand (in 2026-koopkracht).
Bruto-netto-correctie. Boven AOW-leeftijd betaal je geen AOW-premie meer. Tarief schijf 1: ongeveer 17,9%. Tarief schijf 2: 37,07%. Voor het gezin samen tegen gemiddeld 22% over de hele uitkering.
Netto na belasting: € 4.382 × 0,78 = € 3.418 netto per maand.
Echte tussenstand: Esther's gezin heeft € 3.418 netto per maand. Hun behoefte: € 3.800 netto. Tekort: € 382 netto per maand.
Voor Esther alleen, naar rato (omdat haar inkomen 60% van het gezamenlijke is en daarmee haar verantwoordelijkheid voor het gat ook): pakweg € 230 netto per maand. Bruto-equivalent: ongeveer € 290 bruto per maand. Voor twee koppen samen: meer dan dat door dubbele belasting tariefsschijf-overgangen, maar laat ik 't simpel houden.
In de werkelijke planning rekent Esther haar deel als € 850 bruto per maand. Dat is het bedrag waar ze mee verder werkt. Het verschil tussen mijn rekenvoorbeeld en haar werkelijke gat zit in extra zorgkosten die ze meeneemt en wat reservering voor kleinkinderen.
Ik schreef hierboven 22% gemiddelde belasting boven AOW-leeftijd. Even precies: voor wie ruim onder € 40.000 bruto per jaar uitkeert komt het uit op ongeveer 17,9%. Wie boven € 40.000 komt, betaalt gemiddeld 22-25%. Wie boven € 78.000 uitkomt zit deels in schijf 3, met gemiddeld 28-35%. De cijfers in dit artikel gaan uit van middeninkomen.
Stap 5: vul je gat met pijler 3
Het gat van Esther: € 850 bruto per maand. Per jaar € 10.200.
Vermogensvertaling op 25 jaar pensioenhorizon (67-92, statistisch) bij 4% reëel rendement:
- Contante waarde € 10.200 × 15,62 = € 159.345.
Dit is het bedrag dat Esther op haar 67e moet hebben om het gat te dichten.
Bij 20 jaar opbouw (47-67), € 450 per maand inleg in een lijfrente bij 5% reëel rendement:
- € 5.400 × 33,07 = € 178.556.
Net iets meer dan ze nodig heeft. Met marge.
De € 450 per maand kost Esther netto ongeveer € 270 per maand, omdat de inleg aftrekbaar is van haar inkomstenbelasting (49,5% schijf 3 voor de aftrek, want haar inkomen ligt daar boven). Dat scheelt jaarlijks ongeveer € 2.673 belastingteruggave.
Voor hoe je je jaarruimte voor 2026 berekent inclusief reserveringsruimte van eerdere jaren is een aparte gids beschikbaar.
Het stappenplan op een rij
- Bereken je werkelijke uitgavenbehoefte op 67 (drie maanden bonnetjes verzamelen)
- Tel je AOW op (€ 1.637,57 alleenstaand of € 1.122,12 gehuwd p.p. in 2026)
- Tel je werknemerspensioen op (mijnpensioenoverzicht.nl)
- Corrigeer voor inflatie (~ -18% over 20 jaar) en belasting (~22%)
- Vermogensvertaling: gat per jaar × ~15,6 = vermogen nodig op 67
- Verdeel over je opbouwjaren (lijfrente, banksparen, broker)
Klinkt eenvoudig. Wordt minder eenvoudig zodra je je werkelijke cijfers gaat invullen, want elke stap heeft zijn nuances. Voor het volledige rekenhandboek over pensioen berekenen 2026 is de pillar-gids beschikbaar.
De vier valkuilen
Valkuil 1: 70%-regel als startpunt.
Wie zijn behoefte op 70% van zijn laatste salaris zet, schat in de meeste gevallen € 500-€ 1.000 per maand te hoog. Dat vertaalt zich in tienduizenden tot honderdduizenden euro's onnodig vermogen.
Valkuil 2: bruto en netto verwarren.
Mijnpensioenoverzicht.nl toont bruto. Behoeftes worden vaak in netto uitgedrukt. Wie ze niet eerst gelijk maakt, vergelijkt appels met peren.
Valkuil 3: inflatie negeren.
Vandaag-euro's zijn straks-euro's niet. Wie geen inflatiecorrectie toepast, rekent zichzelf 15-30% rijker dan hij is.
Valkuil 4: AOW als gegeven.
Voor wie volledig in Nederland heeft gewoond is AOW betrouwbaar. Voor wie expat-jaren heeft of nog gaat hebben, kan de korting fors zijn. Ook: AOW-leeftijd schuift verder op vanaf 2028, dus brugjaren tellen mee.
Heb jij je pensioengat al uitgerekend, of ga je nog op gevoel? Mail me wat je laatste schatting was en wat je werkelijke berekening opleverde. Ik wil zien hoe ver mensen er gemiddeld naast zitten.
Wat de tool doet
Mijn VermogensPlanner doet de berekening die hierboven staat, voor jouw situatie. Vier vragen: leeftijd, inkomen, pensioenfonds, gewenste levensstijl. De uitkomst toont je gat in bruto en netto, het vermogen dat je nodig hebt op 67, en de inleg per maand om er te komen.
Stap 1 tot 3 zijn gratis. Geen creditcard, geen abonnement.
Gratis tool
Pensioenstresstest: hoe robuust is je plan bij een marktcrash?
Voer je vermogen, rendement en jaarlijkse onttrekking in — en zie via 500 Monte Carlo-scenario's hoe groot de kans is dat je vermogen het uithoudt tot je 95e.
Doe de pensioenstresstest gratisBereken jouw pensioentekort
Hoeveel heb je zelf nog nodig naast AOW en werkgeverspensioen? Bereken wanneer jij kunt stoppen.
Stappen 1 t/m 3 gratis · Eenmalige aankoop voor het volledige plan

Geschreven door Serge van der Pluijm
Oprichter Mijn VermogensPlanner. Schrijft over vermogen, belasting en pensioen voor zelfstandig denkenden.