Loondienst
Pensioen op 60: realistisch in 2026?
Stoppen op 60 in Nederland 2026: hoeveel vermogen heb je nodig, wat doet de brugjaarperiode, en wanneer lukt het wel of niet.
De middenpositie tussen vroeg en regulier
Stoppen op 60 zit in het midden tussen FIRE-aanhangers (50, 55) en de reguliere AOW-leeftijd van 67. Voor veel hoogopgeleide tweeverdieners is het een realistisch doel. Niet zo zwaar als FIRE, maar wel een serieuze voorbereiding op een open agenda.
Dit artikel berekent wat je ervoor nodig hebt, drie profielen vergeleken, en wanneer 60 wel of niet realistisch is.
Eelco's berekening
Eelco, 53, ICT-architect bij een grote bank in Utrecht, gehuwd, twee kinderen uit huis. Op zijn 53e begon hij actief uit te rekenen of stoppen op 60 zou lukken.
Vermogen op 1-1-2026: € 480.000 (€ 100.000 spaargeld, € 380.000 belegd, hypotheekvrije woning). Inkomen € 105.000 bruto. Werkgeverspensioen op 67 prognose € 2.450 bruto/maand. Inleg € 1.500/maand.
Doelmaandbehoefte vanaf 60: € 4.000 netto/maand samen met vrouw.
7 jaar opbouw bij 5% reëel rendement:
- Vermogen op 60: € 480.000 × 1,05^7 + € 18.000 × ((1,05^7 − 1) / 0,05) = € 675.470 + € 146.560 = € 822.030
7 brugjaren (60-67):
- Bruto trekking inclusief box 3: ongeveer € 60.000/jaar
- Contante waarde 7 jaar bij 4% reëel: € 60.000 × 5,99 = € 359.400
Pensioenfase 67-90:
- AOW gehuwd × 2 + pijler 2 = € 2.244 + € 2.450 = € 4.694 bruto/maand
- Netto na ~22% belasting: € 3.661/maand
- Behoefte: € 4.000/maand
- Tekort: € 339/maand × 12 = € 4.068/jaar netto = € 4.952 bruto
- Contante waarde 23 jaar 4% reëel: € 4.952 × 14,86 = € 73.587 op 67
- Gediscondeerd terug naar 60: € 55.946
Totaal nodig op 60: € 359.400 + € 55.946 = € 415.346.
Eelco's vermogen op 60: € 822.030. Marge: ruim € 400.000.
Eelco kan ruim op 60 stoppen, met grote buffer. (pseudoniem, samengesteld uit klantgesprekken)
Wat maakt stoppen op 60 haalbaar?
Drie hoofdvariabelen.
Variabele 1: vermogen op 60.
Bij € 4.000 netto/maand uitgaven heb je in 7 brugjaren plus tekort-aanvulling pensioenfase ongeveer € 415.000-€ 500.000 nodig (afhankelijk van pijler 2 en box 3). Per € 1.000 lagere maandelijkse behoefte zakt het benodigde vermogen met ongeveer € 100.000.
Variabele 2: pijler 2 op 67.
Hoe hoger je werkgeverspensioen op 67, hoe minder eigen aanvulling je nodig hebt vanaf die leeftijd. Het maakt vooral uit voor de pensioenfase 67-90, niet voor de brugjaren 60-67.
Variabele 3: rendement.
Gemengde portefeuille bij 4-5% reëel: maakt het verschil tussen "krap" en "comfortabel". Bij defensiever (3% reëel) en hoge uitgaven: gat van € 50.000-€ 100.000 ten opzichte van een goed scenario.
Drie profielen vergeleken
Profiel A: tweeverdieners op 53 met substantieel vermogen.
(Eelco's profiel.) Beide partners loondienst, vermogen € 480.000, inleg € 1.500/m. Doel € 4.000 netto/m vanaf 60. Resultaat: ruim haalbaar.
Profiel B: alleenstaande op 53 met gemiddeld vermogen.
Klaartje, 53, marketing-coördinator. Vermogen € 220.000. Bruto-inkomen € 65.000. Pijler 2-prognose € 1.300 bruto/maand. Inleg € 1.000/maand.
Vermogen op 60 (7 jaar, 5% reëel): € 220.000 × 1,40 + € 12.000 × 8,142 = € 308.000 + € 97.704 = € 405.704.
Doel € 2.500 netto/maand vanaf 60: brugjaren bruto € 38.000/jaar incl. box 3.
- Brugjaren PV 7 jaar 4% reëel: € 38.000 × 5,99 = € 227.620
- Pensioenfase: AOW alleenstaand (€ 19.651) + pijler 2 (€ 15.600) = € 35.251 bruto = € 29.000 netto. Behoefte € 30.000 netto. Tekort € 1.000 netto = € 1.300 bruto. PV 23 jr op 67: € 19.318. Op 60: € 14.685.
Totaal nodig op 60: € 242.305.
Klaartje heeft € 405.704. Marge: € 163.000. Haalbaar met goede marge.
Profiel C: laatkomer op 53.
Bram, 53, vermogen € 100.000, € 60k inkomen, € 800/m inleg. Wil op 60 stoppen. Vermogen op 60: € 100k × 1,40 + € 9.600 × 8,142 = € 140.000 + € 78.163 = € 218.163.
Doel € 2.800 netto/m: brugjaren bruto € 41.000/jaar.
- Brugjaren PV 7 jaar: € 41.000 × 5,99 = € 245.590
- Plus pensioenfase tekort: ~€ 25.000 op 60.
- Totaal nodig: € 270.590.
Bram heeft € 218.163. Tekort: € 52.000.
Bram kan niet op 60 stoppen met deze uitgavenniveau. Hij moet of: doelleeftijd verschuiven naar 62-63, of behoefte verlagen naar € 2.300 netto/m, of inleg verhogen.
De voordelen van 60 boven 55
Voor wie aarzelt tussen 55 of 60: het verschil zit in vier dingen.
Voordeel 1: minder brugjaren.
7 jaar tot AOW (vanaf 60) versus 12 jaar (vanaf 55). Vijf jaar minder volledige onttrekking uit eigen pot.
Voordeel 2: meer opbouwjaren.
Vijf extra jaren werken met inleg + rente-op-rente betekent vaak € 200.000-€ 400.000 méér vermogen op stopdatum.
Voordeel 3: meer werkgeverspensioen.
Vijf jaar extra opbouw bij je pensioenfonds. Bij gemiddelde opbouw 1,75% per jaar van middelloon: ongeveer € 250-€ 400 extra bruto/maand op je 67e.
Voordeel 4: minder belastingdruk in brugjaren.
Box 3-aanslag is hoger op groot vermogen. In de brugjaren 60-67 begint je vermogen lager dan bij stoppen op 55, en zakt sneller naar de vrijstelling. Dat scheelt cumulatief tienduizenden euro's box 3.
Voor wie stoppen op 55 wil overwegen is een aparte gids met het rekenmodel beschikbaar.
De nadelen van 60 boven 55
Nadeel 1: vijf jaar werken die je liever niet werkt.
Voor wie zijn werk niet leuk vindt: vijf jaar extra is veel. Mentaal kan dat zwaarder wegen dan het financiële voordeel.
Nadeel 2: gezondheid.
Statistisch is gezond zijn op 55 hoger dan op 60. Wie van zijn gezonde jaren wil genieten zonder werk: 55 of jonger.
Nadeel 3: kinderen.
Voor wie nog jonge of studerende kinderen heeft: vijf jaar verschil betekent dat de kinderen ouder zijn voor je stopt. Soms uit huis. Soms zelfs zelfstandig functionerend.
Voor wie is 60 realistisch?
Drie criteria. Als je in alle drie ja kunt zeggen: 60 is haalbaar.
Criterium 1: vermogen + inleg op 50.
Op 50 minimaal € 200.000-€ 300.000 hebben opgebouwd, plus € 1.000-€ 1.500/m kunnen inleggen voor de jaren 50-60.
Criterium 2: pijler 2 op 67 substantieel.
Werkgeverspensioen op 67 minimaal € 1.500-€ 2.000 bruto/maand. Anders moet je eigen vermogen ook de pensioenfase grotendeels dragen.
Criterium 3: realistische uitgaven.
€ 2.500-€ 4.000 netto/maand voor brugjaren en pensioenfase. Bij hogere uitgaven (€ 4.500+) wordt 60 alleen haalbaar voor topinkomens.
Heb jij voor jezelf de berekening gemaakt voor 60 versus andere stopleeftijden? Mail me wat eruit kwam, en welke criteria voor jou wel of niet kloppen.
Wat de tool doet
Mijn VermogensPlanner toont je drie scenario's: stoppen op 55, 60, 65. Met box 3, AOW, brugjaren en pensioenfase. Vier vragen, drie getallen. Stap 1 tot 3 zijn gratis.
Of bereken eerst je pensioengat als je nog niet weet hoeveel je tekort komt.
Gratis tool
Pensioenstresstest: hoe robuust is je plan bij een marktcrash?
Voer je vermogen, rendement en jaarlijkse onttrekking in — en zie via 500 Monte Carlo-scenario's hoe groot de kans is dat je vermogen het uithoudt tot je 95e.
Doe de pensioenstresstest gratisBereken jouw pensioentekort
Hoeveel heb je zelf nog nodig naast AOW en werkgeverspensioen? Bereken wanneer jij kunt stoppen.
Stappen 1 t/m 3 gratis · Eenmalige aankoop voor het volledige plan

Geschreven door Serge van der Pluijm
Oprichter Mijn VermogensPlanner. Schrijft over vermogen, belasting en pensioen voor zelfstandig denkenden.