Box 3 beleggen vs sparen — wat betaal je aan belasting?
Het verschil in box 3-aanslag tussen sparen en beleggen in 2026: rekenvoorbeelden voor verschillende vermogensniveaus en het lange-termijn-effect.
Het effect dat veel mensen niet doorhebben
Daniel, 52, manager bij een verzekeraar. Hij heeft € 250.000 vermogen, helemaal in spaargeld bij ABN AMRO. Hij is gewend aan zijn spaarrekening, vertrouwt het, en is nooit in beleggen geïnteresseerd geweest.
In een gesprek met me vroeg hij: hoeveel scheelt het fiscaal als ik dit zou beleggen?
De berekening voor 2026:
Bij € 250.000 spaargeld:
- Berekend voordeel: € 250.000 × 1,4% = € 3.500
- Aandeel boven vrijstelling: (€ 250.000 − € 59.357) / € 250.000 = 76,26%
- Belastbaar voordeel: € 3.500 × 76,26% = € 2.669
- Belasting: € 2.669 × 36% = € 961
Bij € 250.000 belegd:
- Berekend voordeel: € 250.000 × 6% = € 15.000
- Aandeel boven vrijstelling: 76,26%
- Belastbaar voordeel: € 15.000 × 76,26% = € 11.439
- Belasting: € 11.439 × 36% = € 4.118
Verschil per jaar: € 3.157.
Daniel staarde naar het cijfer. "Drieduizend per jaar? Voor het zelfde geld?" (pseudoniem, samengesteld uit klantgesprekken)
Het rekentechnische verschil
Box 3 in 2026 hanteert verschillende forfaits per categorie.
| Type bezit | Forfait 2026 | Effectief belasting |
|---|---|---|
| Spaargeld | ~1,4% | ~0,5% van vermogen |
| Beleggingen | 6,00% | ~2,16% van vermogen |
| Schulden | hypotheekrente | aftrekbaar |
Het verschil: 1,66% per jaar over je vermogen tussen sparen en beleggen, alleen door de fiscale categorie.
Voor Daniel met € 250.000: 1,66% × € 250.000 = € 4.150 verschil. Mijn berekening hierboven gaf € 3.157. Het kleinere getal komt door de pro-rata vrijstelling die het verschil iets dempt.
Vier rekenvoorbeelden
| Vermogen | Belasting bij sparen | Belasting bij beleggen | Verschil/jaar |
|---|---|---|---|
| € 100.000 | € 205 | € 2.531 | € 2.326 |
| € 250.000 | € 961 | € 4.118 | € 3.157 |
| € 500.000 | € 2.222 | € 9.518 | € 7.296 |
| € 1.000.000 | € 4.744 | € 20.318 | € 15.574 |
Bij groter vermogen wordt het absolute verschil groter, terwijl het relatieve verschil rond 1,5-1,7% blijft.
Maar het echte verhaal zit in rendement
De fiscaliteit is één kant van het verhaal. De andere kant is rendement. Beleggingen renderen op lange termijn aanzienlijk meer dan spaargeld.
Rendementsverwachting 2026 (reëel, na inflatie 2,5%):
- Spaargeld: -1% tot +0,5% reëel (negatief omdat rente vaak onder inflatie ligt)
- Wereldindex aandelen: 5-7% reëel
- Gemengde portefeuille (50/50): 3-5% reëel
Voor Daniel's € 250.000 over 15 jaar (tot 67):
Bij spaargeld (0% reëel rendement gemiddeld):
- Eindvermogen reëel: € 250.000
- Cumulatieve box 3-aanslag: € 14.415
- Effectief: € 250.000 koopkracht erover, minus belasting
Bij beleggen (5% reëel rendement gemiddeld):
- Eindvermogen reëel: € 250.000 × 1,05^15 = € 519.730
- Cumulatieve box 3-aanslag: € 90.000-€ 110.000 (groeit mee met vermogen)
- Effectief: ongeveer € 410.000-€ 430.000 koopkracht over
Verschil: ongeveer € 160.000-€ 180.000 over 15 jaar.
Beleggen wint, ondanks de hogere box 3-aanslag, ruim. Het rendement na belasting blijft beduidend hoger dan op spaargeld.
Wie alleen kijkt naar box 3-aanslag en concludeert "sparen is voordeliger" maakt een fundamentele fout. Het is alleen op het oppervlak voordeliger; in werkelijke koopkrachtgroei verlies je aanzienlijk. Box 3 is hooguit een rem op je rendement, geen beslissingsfactor over of je belegt of spaart.
Wanneer is sparen wel beter?
Drie situaties waarin sparen ondanks hogere belasting voordeliger uitkomt.
Situatie 1: korte termijn (0-3 jaar).
Voor geld dat je binnen drie jaar nodig hebt, is beleggen te risicovol. Een 30%-daling vlak voordat je het geld nodig hebt, is rampzalig. Spaargeld is voorspelbaar, ook al rendeert het slecht.
Situatie 2: noodbuffer.
Voor 3-6 maanden uitgaven hou je cash. Direct beschikbaar. Geen risico op koersdaling vlak vóór een gebeurtenis.
Situatie 3: voor wie de schommelingen niet kan uitzitten.
Wie psychologisch niet aankan dat zijn vermogen tijdelijk 30% kan dalen, kan beter sparen. Wie in 2008 of 2022 in paniek heeft verkocht, weet wat ik bedoel. Verkopen op slecht moment is duurder dan box 3.
De optimale verdeling
Voor de meeste 35-65-jarigen.
| Type bezit | Voor wie + waarom |
|---|---|
| 3-6 maanden uitgaven cash | Iedereen, noodbuffer |
| Korte-termijn doelen cash | Iedereen, vakantie, auto, verbouwing binnen 3 jaar |
| Pensioen-vermogen via lijfrente | Buiten box 3, met aftrek (zie route 1) |
| Lange-termijn beleggen broker | Voor wie box 3 maar als rem op rendement ziet |
| Schenking aan kinderen | Voor wie box 3 wil verlagen + jaarlijkse vrijstelling benutten |
Voor Daniel: stap 1 is een noodbuffer afzonderen (€ 12.000-€ 18.000), de rest geleidelijk overzetten naar beleggingen. Eerst lijfrente vol storten als hij jaarruimte heeft, daarna broker.
Praktische tip: dollar cost averaging
Voor wie van sparen overstapt naar beleggen: niet alles in één keer omzetten. Het risico dat je net op een topkoers instapt is reëel.
Methode: spreid de overheveling over 12-24 maanden. Elke maand een vast bedrag overhevelen naar je broker. Bij dalende koersen koop je goedkoper, bij stijgende duurder. Gemiddeld kom je op een redelijke instapprijs uit.
Voor Daniel: € 250.000 spreiden over 24 maanden = € 10.400/maand verplaatsen naar broker. Plus de noodbuffer-aanvulling (€ 15.000) die direct beschikbaar blijft.
Voor hoe beleggen versus sparen op pensioen 30-jaarsperspectief uitpakt is een aparte gids beschikbaar.
Wat de tegenbewijsregeling betekent
Vanaf 2025 kun je tegenbewijs doen als werkelijk rendement lager was dan forfaitair. Voor sparen met laag rendement (rente < 1,4%) en voor beleggingen in een slecht jaar.
In 2026 met spaarrente rond 1,5-2,2% bij grote banken: tegenbewijs op spaargeld zelden voordelig. In een normaal beursjaar voor beleggingen ook niet voordelig.
Voor werkelijk rendement vs forfaitair is een aparte gids beschikbaar.
Tot slot
Heb jij voor jezelf de berekening gemaakt voor sparen vs beleggen, met box 3 ingerekend? Mail me wat eruit kwam. Ik verzamel cases om de praktijk te documenteren.
Wat de tool doet
Mijn VermogensPlanner toont je box 3-aanslag voor verschillende vermogensverdelingen. Stap 1 tot 3 zijn gratis.
Of ga naar de pillar-gids voor box 3 in 2026 als je het hele plaatje wilt zien.
Gratis tool
Pensioenstresstest: hoe robuust is jouw plan bij een marktcrash?
Voer je vermogen, rendement en jaarlijkse onttrekking in — en zie via 500 Monte Carlo-scenario's hoe groot de kans is dat je vermogen het uithoudt tot je 95e.
Doe de pensioenstresstest gratis →Zelf berekenen?
Reken jouw persoonlijke situatie door in de planner.

Geschreven door Serge van der Pluijm
Oprichter Mijn VermogensPlanner. Schrijft over vermogen, belasting en pensioen voor zelfstandig denkenden.